En toch: geloof, hoop en liefde

En toch: geloof, hoop en liefde
"Een eeuwenoude liefdesbrief. Zo zou je de eerste brief van Paulus aan de gemeente in Korinthe kunnen noemen. Het is rond het jaar 55 – op dat moment verblijft Paulus in Efeze – dat hij verhalen hoort over onenigheid en tweespalt in de gemeenschap in Korinthe. Enkele jaren daarvoor was hij er zelf geweest. Hij woonde in bij Aquila en Priscilla, werkte mee in de werkplaats als leerbewerker en fungeerde als spin in het web, vraagbaak en inspirator voor de kleine gemeenschap die in de werkplaats bijeenkwam. Mensen die hij heel goed kende. Het moet hem aan zijn hart gegaan zijn dat er ruzie was ontstaan in die gemeenschap.

De brief heeft dus een heel concrete aanleiding en gaat over een heel concrete situatie. Paulus is teleurgesteld. Groepjes mensen zijn tegenover elkaar komen te staan terwijl de gemeenschap van Christus juist eenheid zou moeten voorstaan. Niet eenvormigheid, maar eenheid in verscheidenheid. Paulus schrijft zijn brief om de mensen terecht te wijzen, maar hij begint liefdevol: ‘Aan de gemeente van God in Korinte, geheiligd in Christus Jezus en geroepen om Gods heiligen te zijn (…). Genade zij u en vrede van God, onze Vader, en van de Heer Jezus Christus. Ik dank mijn God altijd voor u, omdat Hij u in Christus Jezus zijn genade heeft geschonken’ (1 Korintiërs 1: 2-4, NBV21). Wat er ook aan de hand is in Korinthe, het begint met Paulus’ diepe verbondenheid met de mensen.

Liefdesbrief
Als Paulus later in de brief fel van leer trekt, is dat omdat hij van deze mensen houdt. Hij wil ze de goede weg op helpen. In deze brief staan allerlei praktische aanwijzingen. Bijvoorbeeld over eerlijk delen bij gezamenlijke maaltijden (dat gebeurt niet!). Daarbij komen we letterlijk de woorden tegen die wij nog altijd bij elke avondmaalsviering horen (1 Korintiërs 11: 25-26). Die mooie woorden hebben we dus te danken aan een misstand, schrijft Alex van Lichten. Zo kan het gebeuren dat er uit een conflict iets goeds voortkomt, concludeert hij. Mits het goed wordt uitgesproken natuurlijk.
Na de woorden over eerlijk delen bij de maaltijd, vervolgt Paulus over eenheid in verscheidenheid, met de bekende beeldspraak over het lichaam en de delen. Een oog kan niet horen en een oor kan niet ruiken. Alle verschillen zijn nodig. Ook dat is een les die in onze tijd nog altijd actueel is.

Loflied
Pas na al deze lessen volgt het fragment dat wij kennen als het ‘loflied op de liefde’. Al die adviezen uit de vorige hoofdstukken kan je als droge stof doorlezen, maar zonder de liefde blijft het droge stof. De gemeenschap in Korinthe wordt pas echt lichaam van Christus als de mensen zijn aangeraakt door Gods liefde. Paulus kent de Schriften. De opdracht in Leviticus 18 om je naaste lief te hebben, Psalm 103 waarin God naar voren komt als liefdevol, genadig, geduldig en trouw. En nog veel meer teksten. Al die beelden van Gods liefde inspireren Paulus tot zijn loflied. Zonder liefde ben je nergens… De liefde zal nooit vergaan, is sterker dan de dood. Voor ons mensen in onze wereld, waar naast liefde ook liefdeloosheid bestaat, is dat niet altijd te begrijpen. Dit is wat blijft, zo besluit Paulus zijn loflied: geloof, hoop en liefde, deze drie. Maar de grootste daarvan is de liefde.

Geloof, hoop en liefde
Ooit kwam ik een gedicht tegen over geloof, hoop en liefde dat eindigde met de tekst: ‘Maar de grootste daarvan is de hoop!’ Helaas heb ik dat gedicht later niet meer terug kunnen vinden. Geloof, hoop en liefde zijn alle drie groots en vooral in combinatie. Geloof is verwant aan vertrouwen. In het Grieks, de taal waarin Paulus schrijft, is er één woord voor beide begrippen: pistis. Vertrouwen is wat we nodig hebben als gemeenschap: vertrouwen in elkaar, vertrouwen in God en vertrouwen in de toekomst. Ondanks alle oorlogen, klimaatverandering, machtsmisbruik, bosbranden, droogte, onenigheid, armoede, ziekten en noem maar op. In de barre tijden waar we nu in leven is een flinke portie hoop nodig om te blijven vertrouwen. Hoop tegen beter weten in. Hoop dat medemenselijkheid uiteindelijk sterker zal zijn dan haat. Dat lukt niet zonder liefde: liefde voor onze medemensen, voor onze omgeving, voor onze gemeenschap, voor God, voor onze aarde en voor alles wat daarop leeft. En toch: geloof, hoop en liefde.

Engelen
an wie zou Paulus zijn liefdesbrief in onze tijd schrijven? Er zijn heel wat plaatsen te bedenken waar tweespalt en onenigheid mensen uit elkaar drijven. Eind juli hoorden we berichten over het dorp Engelen bij Den Bosch, waar extremisten ramen en muren hadden beklad van mensen die vóór de opvang van vluchtelingen zouden zijn, of er in elk geval neutraal tegenover staan. Ergens in mijn hoofd ontstond er kortsluiting: hoe kan in een dorp met zo’n prachtige naam als Engelen zo iets onverdraagzaams gebeuren? Het bleek te gaan om een poster van Vluchtelingenwerk met de tekst ‘Samen Leven’ in combinatie met een hart dat wordt omvat door twee handen in twee verschillende kleuren. Zo’n zelfde poster heb ik ook voor mijn raam hangen. Paulus zou de bekladdingen en vernielingen in de scherpst mogelijke bewoordingen verwerpen. Tegelijkertijd zou hij misschien oproepen tot begrip. Niet alleen voor mensen op de vlucht, maar ook voor mensen die bang zijn voor het onbekende. Samen leven is gebaat bij onderling vertrouwen, bij geloof dat de ander waardevol is, bij hoop dat we er samen uit kunnen komen en vooral bij liefde voor onze medemensen."

Sarah Dondorp is predikant in de Bosbeskapel.
 
terug